Peter in de polder, week 50

snoekfee 013

Piep… Piep… Piep…

Dat was het begin van de aanbeet op een nieuwe dood-aas montage die ik had gelezen in Hét Visblad. In plaats van een dobber viste ik deze keer met een schuiflood, vrijloopmolen en een elektronische beetverklikker. Als aas een sardien.

Begin deze week was ik na een bezoek aan de tandarts nog even vrij, en kon een uurtje vissen meepakken. Onder een boom aan de overkant van mijn stek zag ik een dikke snoek jagen. Zeker 80. Ik wierp enkele malen mijn dode voorn bij de boom, maar beet kreeg ik niet. En toen ik ´s avonds in het visblad las over een montage van takel en schuiflood was ik meteen al een plan aan het maken voor de zondag.

De montage bestaat uit een stevige nylon lijn, in mijn geval 28/00. Hierop een schuiflood, 35 gram, gestopt door een kraal en een stuitje op de wartel. Aan de wartel een stuk 34/00 fluorocarbon van ca. 50 cm, lekker slijtvast voor als de montage in de rommel belandt. Dan weer een wartel, en hieraan de takel met 2 dregjes. De ene dreg los in een speld, de andere aan een stinger van 10 cm. De aasvis andersom aan de montage, de stinger in de kop en de speld-dreg in de rug. Ik zet mijn aasvissen meestal andersom aan de takel, en mis er nogal wat snoeken mee bij de aanslag. Kijken of deze manier beter werkt. Het aas zal normaal gesproken willen gaan drijven, en door wind en stroming zal de dode vis dan verleidelijk dansen boven de bodem. Ik leg de vis een meter of 3 bij de boom vandaan en gooi er 2 ballen lokvoer bij. Als er vis komt azen volgt de roofvis vanzelf, toch?

Met de vooruitzichten voor een viswedstrijd op 13 december in het Stet wilde ik nog even wat gaan trainen. Normaal heb ik dan een dobber met dood aas ernaast liggen, maar ben dan regelmatig aan het werpen, verleggen en slepen. Van serieus witvissen komt dan niet veel. De hengel op de steun, molen op de vrijloop en de pieper als alarm, kon ik me ineens volledig op het witvissen focussen. Ik koos een stek naast de boom waar ik de snoek had gezien en begon lekker te vissen. Elke inzet was een vis, en ik had nog hier niet eens gevoerd. Pas na zo´n 3 kwartier en ruim 40 vissen verder begon het af te nemen en werd het tijd voor wat voer.

099b 06 12 2015 Limmen, heel veel vis

De tijd vloog voorbij, met grote regelmaat ving ik kleine en grote vissen, een zeer vruchtbare training met zowel vaste stok als matchhengel. Ron Droog kwam nog langs met de hond en tipte me over mijn manier van aanslaan. Kijken of ik daar volgende week nog aan denk, scheelt me zeker 10 vissen in een wedstrijd, denk ik. Ron was net weg toen… Piep…piep…piep…piep. De molen gaf lijn af, de top van de karperhengel schokte rustig onder de druk van een wegzwemmende vis. Ik legde de witvishengel aan de kant, pakte de werphengel van de steun, sloot de vrijloop en volgde de lijn. De top kromde zich en ik zette de haak op een massieve vis. Een stevige, korte dril volgde. Onderwijl sprong iets verderop nog een dikke snoek, ook zeker 80. De vis die ik op de kant haalde was 83 cm, had de takel keurig in de bek zitten en ging gewillig op de foto. De camera moest op de zelfontspanner, wat minder goed ging door de harde wind. Vandaar de onscherpe foto.

snoekfee 005

De inhoud van mijn leefnet betrof 109 witvissen, goed voor 4 kilo vis. De snoek had een zeer dikke buik en was in zijn eentje goed voor bijna 5 kilo. Een zeer goed bestede vismiddag na heerlijk avondje, wat wil je nog meer.

098b 06 12 2015 Limmen, heel veel vis